Op Weg' is het informatieblad van Vrijzinnigen Nederland, afd. Huizen, Naarden-Bussum, Laren-Blaricum en Weesp - onderstaande teksten zijn een redactionele bijdrage van De Engel.


Editie oktober/november 2017


Het mysterieuze licht…

Het mysterieuze licht: hetlicht dat er altijd is. Ik bedoel hiermee natuurlijk niet het licht van een lamp of het zonlicht. Dat laatste is er trouwens ook altijd, ook als het straks in de laatste maanden van het jaar nog donkerder wordt.
Nee, ik heb het over het licht dat ons bestaan, onze ervaringen verlicht. Het licht dat schijnt op wat we van moment tot moment ervaren. Het licht dat schijnt op hoe we ons bijvoorbeeld voelen en dat als het ware in ‘de schijnwerper’ zet. U denkt nu misschien wel: ‘Licht? Merk ik niks van!’, maar als ik u vraag: ‘Hebt u vannacht lekker geslapen?’ dan weet u, dat terwijl u sliep, er dromen waren, onrustig woelen of een diepe verkwikkende droomloze slaap. Hoe weet u dat? Er is dus altijd dat licht in onze ervaringen. We kunnen dit licht van onze geest ook bewustzijn noemen. Er is iets in ons wat alles waarneemt, zonder oordeel. Dit licht is wat ons allen verbindt, want we hebben het allemaal, gelovigen, ongelovigen, moslims, boeddhisten, niemand uitgezonderd. Het is ook voor iedereen te ontdekken. Het is dat eeuwig stille punt in ons; het deel dat ons hele leven hetzelfde is geweest, van onze vroegste herinnering tot dit moment. Daarom zeggen we ook vaak: ‘Ik ben lichamelijk wel ouder geworden, maar diep vanbinnen voel ik me helemaal niet ouder.’ Als u echt goed kijkt dan vindt u iets dat u vertelt dat er bij alle verandering iets in u onveranderlijk en onvergankelijk is. Jezus heeft ons er altijd op gewezen. Hij zei namelijk: ‘Ik ben het Licht der wereld; wie mij volgt zal nimmer in duisternis wandelen, maar hij zal het licht des levens hebben.’ (Johannes 8.12)
En in het Thomas Evangelie zegt hij: ‘Er is licht in een mens van licht, en hij verlicht de hele wereld. Hij besluit deze passage in het Evangelie met te zeggen: ‘Als hij (de mens) geen licht geeft is er duisternis.’ Volgens zijn uitspraken zijn we dus of in het licht of in de duisternis.
Thomas Merton (mysticus/monnik/auteur) beschreef het in zijn autobiografie zo: ‘Het is een licht waarmee je ziet, niet een licht wat je ziet. Het is een licht dat aan allen wordt geboden, aan iedereen en er is niets fantastisch of vreemd aan.’ 
Dit licht in ons allen is wat we intuïtief voelen wanneer we merken dat iets in ons door alle dagen van ons leven heen onveranderd is gebleven. 
Vaak is dit licht, wat natuurlijk een beeldspraak is, versluierd door vastomlijnde ideeën, conclusies of aannames, waardoor we afgescheiden fragmenten denken te zijn. Maar als we ons leven vertragen en uit de groef van onze gewoontes stappen, wellicht wordt u zich er meer en meer bewust van. En beseft u misschien ook dat we één zijn, verenigd in dit licht, in deze helderheid. 
Het ‘leven vertragen’ is ook een mooi voornemen voor de komende maanden. De natuur helpt ons daarbij, want ook daarin begint de vertraging, het naar binnen keren met als ‘hoogtepunt’ de donkerste en stilste tijd tot eind december. En dan verlichten we onze huizen met kaarsen en lampjes… maar in u schijnt er altijd licht!




Editie september 2017


Van die momenten…
Kent u ook momenten van lichtelijke ontzetting, waarna je een beetje verbluft achterblijft?
Ik zal u met een paar voorbeelden vertellen wat ik bedoel: op een zonnig zomerdag zat ik op mijn terras achter het huis met een stapel boeken naast mij. Ik had vakantie en ging er niet op uit. Ik meen me te herinneren dat mijn toen nog jonge dochter op een paardenkamp zat omdat zij dol was op paardrijden en ik niet.
Ik zat dus met die stapel boeken. Ik was aan het lezen en hoor op de achtergrond een vliegtuig. Plots realiseerde ik me dat ik dat vliegtuig niet kon horen als dat geluid niet opkwam in de stilte. Ik zat perplex! Ik ging letten op alle geluiden, het verkeer, vogels die zongen, spelende kinderen: alles was te horen in die achtergrond van die diepe ons omvattende stilte.
Vervolgens vroeg ik mij af, hoe hoor ik dat? Nu zult u zeggen, met je oren natuurlijk! Maar dat was niet zo, want dan komt het geluid van buitenaf en zo hoorde ik het niet. Het geluid zat in mij. Dat was wat!
Terwijl ik dit aan het schrijven ben krijg ik, heel toevallig, een bericht van de bibliotheek dat ik het aangevraagde boek ‘Stilte als antwoord’ van Sara Maitland kan afhalen. En ik begin meteen te lezen. En tot mijn stomme verbazing staat er praktisch in het begin van dit boek: In onze met geluid geobsedeerde cultuur vergeet je makkelijk hoeveel van de voor ons onmisbare natuurlijke krachten stil zijn – zwaartekracht, elektriciteit, licht, getijden, groei van bomen, planten, bloemen en gewassen. En dan het ongezien en ongehoorde draaien van de kosmos. De aarde draait, snel ook. Zo’n 1.700 kilometer per uur om zijn eigen as (bij de evenaar); hij draait om de zon met 107.218 kilometer per uur. En het hele zonnestelstel draait door het draaiende melkwegstelsel met een snelheid waarover ik nauwelijks durf na te denken. De dampkring van de aarde draait mee, daarom voelen we niet dat de aarde draait. Het gebeurt allemaal in stilte. En dan is er nog biologische groei, cellen delen, sappen vloeien, energie stroomt trillend door de aarde, zonder het minste geluid.
Het is bijna niet te bevatten die ‘woest’ draaiende bol, maar dat besef gebeurde op een ander moment. Ik reed op een avond naar huis, na mijn yogales. Ik doe dat al jaren om een beetje soepel te blijven en de meditaties die erbij horen houden me ‘op één lijn’. Daarmee bedoel ik dat ik kan verdwalen in gedachtekronkels en na de yogales ben ik weer even uit mijn hoofd, dan ben ik weer geaard, zoals dat daar genoemd wordt. Eén geheel, lichaam en geest.
Ik rijd dus naar huis en zie een verkeersbord, niks bijzonders. Maar ineens zie ik dat bord op onze aardbol staan. Ergens op die bol reed ik langs dat bord via een rotonde op weg naar huis. Het was een verbijsterende sensatie, dat kan ik u zeggen. 
Moet u zich eens voorstellen: u zit nu met Op Weg in handen, misschien in een comfortabele stoel in uw huis, en u heeft in dát huis een plekje op die gigantische draaiende bol die in het luchtledige hangt!  Dat is toch niet voor te stellen? Dat we er niet vanaf vallen! Dat komt door de zwaartekracht zult u zeggen. Zeker, we kunnen niet ontsnappen!
En toch… ik vind het een mysterie: dat kleine plekje van ons eigen bestaan, een bol waarop een hoeveelheid wezens met miljarden dromen en verhalen kortstondig op deze bol verblijven en van alles doen: grasmaaien, rijden, fietsen, springen, spelen, vechten of liefhebben, ik noem maar wat op.  Het enige wat dan toch overblijft is verwondering?
‘What a wonderful world’ om het met Louis Armstrong te zeggen…